Kennis & blogs

Salderen stopt. Zo houd je grip op je zonnestroom

Vanaf 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling. Voor locaties die nu salderen, verandert daarmee de rekensom van zonnepanelen. De stroom die je teruglevert aan het net, mag je dan niet meer wegstrepen tegen de stroom die je op een ander moment verbruikt.

Dat klinkt als slecht nieuws. Zeker als je de koppen leest waarin zonnepanelen ineens worden afgeschreven. Maar dat beeld klopt niet.

Zonnepanelen blijven interessant. Alleen verschuift de vraag. Niet langer: hoeveel kunnen we opwekken? Maar vooral: hoe gebruiken we zoveel mogelijk eigen zonnestroom op het juiste moment?

Wat verandert er precies?

Salderen betekent dat opgewekte stroom en verbruikte stroom op jaarbasis tegen elkaar worden weggestreept. Wek je in de zomer veel stroom op en verbruik je in de winter juist meer? Dan wordt dat nu nog met elkaar verrekend.

Vanaf 2027 wordt teruglevering apart afgerekend. Voor stroom die je teruglevert krijg je nog wel een vergoeding, maar die is lager dan het tarief dat je betaalt voor stroom die je later weer inkoopt. Daarbovenop kunnen terugleverkosten zwaarder gaan meewegen, afhankelijk van je contract en leverancier.

De conclusie is dus niet dat zonnepanelen niets meer opleveren. De conclusie is dat stroom die je direct zelf gebruikt veel waardevoller wordt dan stroom die je teruglevert.

Zonnepanelen zijn niet het probleem

De afgelopen jaren zijn zonnepanelen goedkoper geworden. Tegelijk stijgen energiekosten, netkosten en de druk om gebouwen te verduurzamen. Voor scholen, zorglocaties, sportclubs, buurthuizen en gemeenten blijft eigen opwek daarom een logische stap.

Alleen vraagt het om slimmer ontwerp en beter inzicht.

Een dak vol panelen is mooi. Maar als een gebouw op zonnige momenten nauwelijks stroom verbruikt, lever je veel terug. Denk aan een school in de zomervakantie, een sportclub overdag of een buurthuis met piekgebruik in de avond. Dan ontstaat precies de mismatch waar salderen jarenlang overheen heeft geplakt.

Zonder salderen wordt die mismatch zichtbaar op de energierekening.

De nieuwe hoofdvraag: wanneer gebruik je stroom?

Wie het voordeel van zonnepanelen wil behouden, moet kijken naar het ritme van het gebouw. Wanneer wekken de panelen op? Wanneer is er verbruik? Waar ontstaan pieken? En welke apparaten of installaties kun je slimmer aansturen? Daar zit vaak meer ruimte dan je denkt.

Denk aan:

  1. Warm water maken op zonnige momenten
    Een boiler of buffervat kan zonnestroom omzetten in warmte. Dat is vooral interessant voor locaties met douches, keukens of warm tapwater. Thermische opslag is vaak eenvoudiger en goedkoper dan elektrische opslag.
  2. Verbruik verschuiven naar de dag
    Laadpunten, ventilatie, koeling, vaatwassers, wasmachines of andere installaties kunnen soms slimmer worden ingepland. Niet alles kan verschuiven, maar elke kWh die je zelf gebruikt, hoef je niet duurder terug te kopen.
  3. Een batterij inzetten waar die echt waarde toevoegt
    Een batterij klinkt aantrekkelijk, maar groter is niet automatisch beter. Dimensioneer een batterij niet op de hoogste zomeropwek, maar op het verbruik in de avond, nacht of piekmomenten. Een kleinere batterij kan soms financieel en technisch veel verstandiger zijn.
  4. Teruglevering beperken als dat nodig is
    Soms is het slimmer om een deel van de teruglevering tijdelijk te beperken, bijvoorbeeld als terugleverkosten hoger uitvallen dan de opbrengst. Dat voelt tegenstrijdig, maar kan in de totale businesscase logisch zijn.
  5. Energiedelen onderzoeken
    Sinds 2026 zijn er meer mogelijkheden om opgewekte stroom te delen met een andere afnemer. Dat kan interessant zijn bij meerdere locaties, gebruikers of maatschappelijke partners. Maar ook hier geldt: eerst rekenen. Energiedelen is geen wondermiddel, maar kan in de juiste situatie wel onderdeel zijn van de oplossing.


Van salderen naar slim sturen

Het stoppen van salderen is geen reden om zonnepanelen af te schrijven. Het is wel een reden om scherper te kijken naar je eigen energieprofiel.

Bij een voorbeeldlocatie met 150 zonnepanelen kan het wegvallen van salderen zonder aanpassingen al ruim € 4.000 per jaar extra kosten. Maar wie beter stuurt op eigen verbruik, passende opslag en teruglevering, kan veel voordeel behouden.

Daarom beginnen we bij Op Naar Nul niet bij de batterij, de boiler of de omvormer. We beginnen bij de rekensom.

Wil je weten wat het stoppen van salderen betekent voor jouw locatie? Met onze QuickScan brengen we in kaart waar je nu stroom verliest, waar je voordeel kunt behouden en welke maatregelen echt passen bij jouw gebouw.

Neem contact op.